Het zintuigencentrum heeft 2 (mss zelfs meerdere) mogelijke interpretaties.
De eerste interpretatie die ik eraan geef, is de volgende:
Het zintuigencentrum is het centrum van je zintuigen. Het centrum van je zintuigen ligt in je hersenen en neemt alle info op die mogelijk is. Dit gebeurt door subtiele prikkeling en openstaan voor allerlei dingen. De interpretatie van je zintuiglijke waarneming ligt ook in je hersenen en kan veranderen door de open werking van je zintuigencentrum. Verander je je interpretatie niet dan stellen de zintuigen zich afhankelijk op van je interpretatie en neem je de werkelijkheid niet meer objectief waar. Hetzij met je ogen, oren, neus, mond, huid en/of een samensmelting van zintuigen.
De tweede interpretatie die ik eraan geef, is:
Een centrum waar zintuigen terug geprikkeld kunnen worden op een subtiele manier. Dit kan het best door samen te ontwikkelen in het proces voelen-denken-doen. Voelen doe je met je zintuigen, de interpretatie erover (denken) doe je met je hersenen en het doe je met de link tussen je zintuigen en je hersenen en dat zijn je doenspieren die aangevoerd worden door zuurstof of andere soorten energiebronnen.
2 voorbeelden in de topsport geef ik hieronder weer. Dit kan ook gelinkt worden naar voorbeelden buiten de topsport die ik de komende dagen zal aanhalen.
Voorbeeld 1: een topvoetballer heeft stress bij het nemen van een penalty. Hij voelt telkens een beklemming in zijn buik als hij een penalty moet nemen. De coach en het team rekent op zijn voorgaande ervaringen en zijn denken pept hem op. Eens hij de bal op de stip legt, krijgt hij weer dat beklemmend gevoel. Hij is niet meer bezig met de penalty. Hij is bezig met de vorige en eerste penalty die hij gemist heeft. Naar wat gaat hij luisteren: naar het gevoel of het denken. Hij trapt en mist. Hij had beter geluisterd naar zijn gevoel want hij trapte ifv de coach en het team. Hij stelt zijn gevoel en het team teleur.
Hoe kan hij dit probleem oplossen?
Het doen wordt belemmerd door het conflict in zijn voelen-denken. Hij voelt zich niet goed bij het missen van de penalty. Hij weet niet wat er misgegaan is.
Door een simulatie te maken op training en bepaalde lichaamssignalen te analyseren kan de oplossing voor de hand liggen. Blijven luisteren naar het gevoel (de beklemming in de buik), welke gedachten komen naar boven en hoe komt dat. Stijgt de hartslag (hartslagmeter), voelt hij nog ergens anders een beklemming, staat hij overspannen achter de bal, breekt het zweet uit, wat beeldt hij zich in, hoe is de bloeddruk, wat hoort hij, wat ziet hij, wat ruikt hij?
Hij luistert naar zijn ademhaling (hij gebruikt zijn oren, neus en mond: 2 zintuigen hierbij). Hij voelt de spanning minderen en ziet zijn hartslag dalen. Hij heeft al meer controle over zichzelf. Wat ziet hij? Hij ziet een doel van 7m breed en 2m hoog (ongeveer) met een bewegend voorwerp erin (de keeper). Hij ziet een bal die hij in het doel dient te krijgen. Hij ziet dat de keeper sterker is rechts dan links bij het vangen van een bal. Hij weet van zichzelf dat hij zo sterk is als hij zich voelt. Hij denkt helder, hij loopt aan en schiet naar de minst sterke kant van de keeper. Hij is ontspannen en geeft dit ook vloeiend mee aan de bal. De bal gaat in het doel en de keeper mist zijn doel. Dit proces dient hij stelselmatig te herhalen in het hoofd en in zijn uitvoering totdat hij het onder de knie heeft en zeker is in zijn gevoel.
Voorbeeld 2: een toploper kan niet meer winnen. Hij eindigt altijd 2de. Het is frustrerend en op training gaat hij er harder tegenaan om zeker te zijn van zijn stuk. Zijn hartslag is normaal, zijn ochtendpols ook. Hij slaapt voldoende, heeft een voldoende eetlust, gewicht blijft hetzelfde en bloedwaarden zijn normaal. Ook de voorgaande fysieke testen laten het beste vermoeden. Op wedstrijd loopt het echter mis op het beslissende moment.
Tijdens de training wordt duidelijk dat de atleet telkens maximaal gaat en er geen blokkage optreedt. Er is geen extra stressfactor aanwezig. Nu is die er wel op wedstrijd omdat die niet aanwezig is op training (anderen doen mee op wedstrijd en daar heeft de atleet geen controle over).
Stress slaat op de spieren en beïnvloedt de bloeddruk, de hartslag, het denken en andere systemen. Door de focus te leggen op het ademen, de hartslag, positief denken (wat op training kan, kan op wedstrijd ook) en een soepele looptechniek is het probleem opgelost. Luister naar je adem, luister naar je loopafzet en zweeffase, luister naar je gedachten en schakel ze uit door een vast positief patroon aan te leggen. Focus je op training op simulatie van wedstrijddruk en pas de aanwijzingen toe. De atleet slaagt erin op training. De eerstvolgende wedstrijd is een wedstrijd van minder niveau. De atleet wint. Stelselmatig wordt de drempel verhoogt en worden de gegevens op training en wedstrijd bijgehouden. De atleet wint zijn wedstrijd op het hoogste niveau en is onbewust boven zich uitgestegen door zich bewust te focussen op zijn processen binnenin: het proces voelen-denken-doen!
Deze materie zal duidelijker worden aan de hand van praktijkvoorbeelden waarbij de zintuigen geprikkeld worden (via de pc kan dat alleen maar via ogen en oren).
Groeten
Zintuigencoach
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten